Van Lienden, Damme en Van Gestel moeten ruim 20,7 miljoen euro van mondkapjesdeals teruggeven

Gezond leven

Sywert van Lienden en zijn twee compagnons moeten alle miljoenen die ze verdienden tijdens de coronacrisis aan hun mondkapjeshandel afstaan aan hun voormalige liefdadigheidsstichting Hulptroepen Alliantie. Volgens de rechtbank hebben ze zich schuldig gemaakt aan ‘onbehoorlijk bestuur’ en ‘ernstig verwijtbaar’ handelen.

De rechtbank heeft het bedrag dat Van Lienden, Bernd Damme en Camille van Gestel samen moeten terugbetalen voorlopig op minimaal 20,7 miljoen euro geraamd, maar de exacte schade zal de komende tijd worden vastgesteld. De drie mannen moeten ook nog eens 250.000 euro terugbetalen aan advocaatkosten die ze ten onrechte in rekening brachten bij hun stichting.

Het nieuwe bestuur van Hulptroepen Alliantie en het ministerie van Volksgezondheid (VWS) hadden onafhankelijk van elkaar een civiele procedure aangespannen om de mondkapjesmiljoenen van de mannen op te eisen. De rechtbank wees de claim van VWS van de hand, maar heeft de stichting op alle belangrijke punten in het gelijk gesteld. Hulptroepen Alliantie zal het geld overmaken naar goede doelen, zoals de stichting Long Covid.

Commerciële bv

Van Lienden, Damme en Van Gestel waren tijdens de coronacrisis boegbeelden van de stichting, die beloofde ‘zonder winstoogmerk’ en ‘om niet’ mondkapjes in te kopen voor zorgverleners. Later onthulde de Volkskrant dat de mannen een monsterorder van 100,8 miljoen euro van het ministerie van VWS hadden ondergebracht bij een eigen commerciële bv, Relief Goods Alliance (RGA). Daardoor vloeiden alle winsten – circa 20 miljoen euro netto – naar hun privérekeningen.

De rechtbank baseert de toegekende schade op die geboekte winst, maar het bedrag kan nog oplopen doordat ze, naast de order van VWS, nog meer deals hebben doorgeleid van de stichting naar hun eigen bv. Ook dat was volgens de rechters ontoelaatbaar.

De rechtbank oordeelt hard over het optreden van de drie mannen, die volgens het vonnis ‘geen moment transparant’ zijn geweest over hun commerciële belangen. ‘Zij hebben hun persoonlijk belang om geld te verdienen aan de mondkapjes zwaarder laten wegen dan het belang van Hulptroepen Alliantie en ten koste van deze vrijwilligersorganisatie een miljoenenwinst opgestreken.’

‘Lege huls’

Volgens de rechtbank staat vast dat de orders ten onrechte zijn weggehaald bij de stichting en dat de in allerijl opgerichte commerciële bv van Van Lienden en zijn compagnons slechts ‘een lege huls’ was, enkel bedoeld om geld te verdienen.

In een schriftelijke reactie toonden de advocaten Guillaume Creijghton en Marcel Evers, die namens voormalige medewerkers als eersten initiatief namen om de mondkapjesmiljoenen terug te halen, zich verheugd over de uitspraak.

‘Het vonnis is een belangrijke mijlpaal in de strijd die de oud–medewerkers al sinds de zomer van 2021 voeren tegen de misstanden van Van Lienden, Damme en Van Gestel’, aldus de advocaten. ‘De rechtbank stelt vast dat de oud–medewerkers zijn misleid en het vonnis maakt korte metten met de argumenten waarmee Van Lienden en Van Gestel hun daden achteraf, en nog steeds, proberen goed te praten.’

VWS toonde geen interesse

De staat kan volgens de rechters geen aanspraak maken op het geld. Weliswaar erkent de rechtbank dat de mannen doelbewust verwarring lieten bestaan over hun commerciële intenties, maar het ministerie van VWS was zelf ook onvoldoende geïnteresseerd in de bedoelingen van de drie mannen.

‘De rechtbank heeft niet kunnen vaststellen dat de staat het bij het sluiten van de mondkapjesdeal belangrijk vond of hiermee winst kon worden gemaakt en waar die winst terecht zou komen’, aldus het vonnis.

Het ministerie maakte in eerste instantie ook geen aanstalten om de miljoenen terug te vorderen. Dat gebeurde pas toen de ex-medewerkers succes leken te gaan boeken in hun juridische procedures.

Advocaat Steef Bartman, die Damme bijstaat, heeft ‘gemengde gevoelens’ over het vonnis. ‘Het is fijn – ook voor hun reputatie – dat de rechtbank nogal ferm vaststelt dat er richting de Staat geen sprake is van bedrog of onrechtmatig handelen’, aldus Bartman. ‘Het valt uiteraard tegen dat het geld naar de stichting moet. We bestuderen het vonnis nog, maar er zijn genoeg gronden voor een hoger beroep.’

Ook Van Lienden benadrukte op X dat de rechtbank heeft vastgesteld dat er geen sprake is van het bedriegen van de overheid. Dat al het geld naar de stichting moet, ‘roept vraagtekens op’, aldus Van Lienden, die ook hoger beroep overweegt.

Er loopt ook nog een strafrechtelijke procedure tegen de drie mannen. Volgens het Openbaar Ministerie hebben ze zich schuldig gemaakt aan oplichting, verduistering, witwassen en valsheid in geschriften. In het uiterste geval kan dat leiden tot jarenlange gevangenisstraf.

Bron

Deel dit bericht