Alarm om gehoorverlies: half miljoen Nederlanders volgen gesprekken niet en sluiten zich af

zorg

Een half miljoen Nederlanders hebben zo veel last van gehoorverlies dat zij niet langer in staat zijn om gesprekken met familie en vrienden fatsoenlijk te volgen. Daardoor dreigen zij in een sociaal isolement te raken, waarschuwen onderzoekers. Ook veel jongeren hebben hier last van.

Van de 1,5 miljoen Nederlanders met matig tot ernstig gehoorverlies heeft een op de drie last van het verschijnsel fade-out: het gevoel dat ze er niet meer bij horen, simpelweg omdat ze anderen moeilijk kunnen verstaan. Dit blijkt uit een studie van onderzoeksbureau Motivaction, in opdracht van Specsavers.

De 23-jarige Brecht Faber uit Leeuwarden is ervaringsdeskundige. Ze worstelt al sinds haar 8ste met haar gehoor, als gevolg van een oorontsteking. De student voelt zich vooral op sociale bijeenkomsten, zoals verjaardagen, niet altijd op haar gemak. “Ik sluit me deels af van de omgeving, omdat ik het anders allemaal niet meer kan volgen. Je hoort zo veel om je heen, er zijn zo veel gesprekken. Ik kan me maar op één iets focussen. Heel veel gaat langs mij heen.”

Zo ook met uitgaan. “Ik neem maar een extra drankje, omdat ik anders bang ben dat vrienden mij niet gezellig vinden. Ik wil ook niet altijd ‘waaat?’ of ‘wat zeg je?’ roepen. Zo kost het veel energie om me staande te houden.”

‘Dit moeten we stoppen’

Een groot deel van de jongeren met gehoorverlies voelt zich onveilig, depressief en angstig. 300.000 Nederlanders geven zelfs aan de grip op het leven te verliezen. Goed kunnen horen is de basis van goed kunnen meedoen, juist ook sociaal, zegt Eric Schoenmakers, senior onderzoeker op het gebied van eenzaamheid en gespreksvoering bij Fontys.

“Het is een vicieuze cirkel. Als iemand op een verjaardag slecht hoort, voelt diegene zich geen onderdeel van de groep. De extra aandacht die het kost om toch te kunnen participeren kost veel energie. Dat is vermoeiend. En dan is de kans aanwezig dat iemand de volgende keer thuisblijft, met alle gevolgen van dien.”

De zorgaanbieder voor doven en slechthorenden (GGMD) signaleert voor de komende jaren een toename aan gehoorverlies in Nederland. “Als we dit niet stoppen, gaat het de samenleving veel geld kosten,” zegt Saïd Bellari, geneesheer-directeur en psychiater bij GGMD. “Mensen die hun gehoorbeperkingen niet tijdig aanpakken of die op psychosociaal vlak naar de achtergrond verdwijnen, komen uiteindelijk in de zorg terecht. Den Haag moet dit onderzoek aangrijpen om volop geld en energie te investeren in preventie.”

Schaamte en onzekerheid

Praten over gehoorverlies is, vooral onder jongeren, een taboe dat we moeten doorbreken, zegt Schoenmakers. “Veel mensen houden de klachten voor zichzelf, omdat gehoorverlies vaak aan leeftijd wordt toegeschreven. Het is iets voor oude mensen, denkt men. Dat is dus niet zo. Gehoorverlies komt steeds vaker voor, niet alleen door vergrijzing, maar ook omdat onze samenleving steeds luider wordt.”

Fade-out is een fenomeen dat zich vaak onmerkbaar voor de omgeving afspeelt. “Daarom is het zo belangrijk dat hier naam aan wordt gegeven. Dat zorgt voor erkenning. Pas als je iets benoemt, wordt het tastbaar en kun je er iets aan doen.”

Mensen durven niet over gehoorverlies te praten vanwege onzekerheid en schaamte. Bang dat de ander het niet begrijpt. Aan de buitenkant is immers niet te zien of iemand slecht hoort. Precies om die reden zijn veel mensen met tinnitus (een aanhoudende piep in het oor) terughoudend om erover te vertellen. Reden tot zorg is dat bijna de helft van de mensen met gehoorverlies dat nog nooit heeft laten onderzoeken door een hoorspecialist.

Taboe doorbreken

Daarnaast is het opvallend dat jongeren tussen de 18 en 24 jaar vaker fade-out ervaren dan oudere mensen. Dat heeft te maken met de levensfase waarin iemand verkeert, zegt Gert-Jan Hendriks, hoogleraar klinische psychologie aan de Radboud Universiteit. “Fade-out gaat over hoe je je voelt in een sociale context. Jongeren staan midden in het leven, hebben vaak veel sociale contacten en willen graag overal aan meedoen. Sociaal niet kunnen meedoen heeft bij hen een nog grotere impact op hun mentale welzijn.”

Hoorspecialist Specsavers wil het taboe doorbreken. “Door meer onderzoek te doen naar fade-out willen we kennis vergroten en meer inzichten verzamelen om participatie van slechthorenden in de samenleving te vergroten,” zegt directeur Wouter van der Hoeven. Inmiddels staan meerdere organisaties, psychologen en wetenschappers in de rij om zich bij Specsavers’ initiatief ‘Stop fade-out’ aan te sluiten.

Niet de heilige graal

Voor sommigen biedt een hoortoestel soelaas, maar het is zeker niet de heilige graal, waarschuwt keel-, neus- en oorarts Dennis Kox. “Niet iedereen voelt zich sociaal prettiger bij het dragen van een hoortoestel. Daarnaast is de fade-out ook onderhevig aan heel andere factoren. Zoals het probleem dat bij oudere patiënten steeds meer sociale contacten overlijden, dat de ongemakken die met het ouder worden gepaard gaan ook verminderde sociale contacten opleveren – niet meer kunnen autorijden, fietsen, lopen – en vast nog veel meer factoren. Uiteraard is het bekijken van al deze factoren en het bieden van hulpmiddelen hiervoor een heel goede stap om fade-out te voorkomen dan wel te behandelen.”

Doorgaans wachten slechthorenden zeven tot tien jaar met het zoeken van professionele hulp. Aandacht voor slechthorendheid is volgens VeiligheidNL cruciaal, omdat ‘verwaarlozing ervan een grote impact op de kwaliteit van leven kan hebben’. Het expertisecentrum wijst er ook op dat er een verband is tussen ouderdomsslechthorendheid en de ontwikkeling van dementie.

Gehoorverlies is een wereldwijd probleem. Naar verwachting verdubbelt het aantal slechthorende mensen tot 900 miljoen in 2050.

Bron

Deel dit bericht